TL;DR
- De goedkeuring van de digitale euro door het Europees Parlement met 43 tegen 14 stemmen is symbolisch sterk, maar beide sprekers zien de tijdlijn van 2029 als onrealistisch in een markt die zich maandelijks vernieuwt.
- Höptner herformuleert het debat: digitale euro versus stablecoins is een categorievergissing — de digitale euro concurreert met PayPal, Visa en Mastercard (e-geld); stablecoins richten zich op Swift (grensoverschrijdende betalingen, kapitaaloptimalisatie, handelsfinanciering).
- Het post-GENIUS-debat over yield is overdreven — met een terugbetalingstijd van circa vier minuten en tokenized RWA's met yield die beschikbaar komen, worden stablecoins een berichtenlaag tussen yield-genererende posities, niet het yield-instrument zelf.
- Qivalis (37 banken, Fireblocks voor bewaring) roept twee open vragen op: de prikkelstructuur voor aangesloten banken om liquiditeit van hun eigen balans te verplaatsen, en de afhankelijkheid van Amerikaanse technologiestack na de sluiting van Fable 5.
- Distributie is de werkelijke Europese lacune — niet omdat de technologie ontbreekt, maar omdat Europese banken geen institutionele wallets aanbieden aan zakelijke cliënten, terwijl kapitaal naar Amerikaanse infrastructuurproviders stroomt op een snelheid die Europese bouwers niet kunnen bijhouden.
Sprekers:
- Alexander Höptner – AllUnity, CEO (uitgever van EUR-, SEK- en CHF-stablecoins)
- Elie Naba – Meridyan, CEO & Founder
- Aleksandar Bukovski – The Big Whale, Host & moderator
De digitale euro-stemming en het verkeerde-instrument-probleem
De goedkeuring van de digitale euro door het Europees Parlement met 43 tegen 14 stemmen op 24 juni is op papier een krachtig politiek signaal. Beide sprekers erkenden dat de onderliggende motivatie — betalingssoevereiniteit onafhankelijk van Amerikaanse infrastructuur — legitiem is. Geen van beiden zag het voorgestelde instrument als het juiste antwoord.
De implementatiekosten worden geraamd op 14 tot 19 miljard euro, terwijl de livegang nog steeds voor 2029 is gepland. SEPA Instant bestaat al, is gratis en universeel toegankelijk. Stablecoins, tokenized deposits en nu een retail-CBDC die daar bovenop worden gelaagd, creëren een onderhoudsdruk die Europese banken moeilijk kunnen dragen. De eindgebruikerscasus blijft onduidelijk.
Höptner: „Het is een verspilling van tijd en middelen.“
Naba: „Ik zie de use cases voor een digitale euro nog steeds niet.“
Höptner's scherpere analyse volgde later, als reactie op een vraag uit het publiek: de digitale euro vergelijken met stablecoins is een categorievergissing. De digitale euro wordt gebouwd om te concurreren met PayPal, Visa en Mastercard — dus met e-geld. Stablecoins, als getokeniseerde e-geldtokens, richten zich op Swift: grensoverschrijdende afwikkeling, kapitaaloptimalisatie, handelsfinanciering. Verschillende lagen, verschillende problemen, verschillende gevestigde spelers.
Höptner: „Stablecoins richten zich op Swift. Een volledig andere laag.“
Het yield-debat is een schijndebat
Het verbod in de GENIUS Act op directe rentevergoedingen aan tokenhouders heeft de commentaren gedomineerd, maar zowel Höptner als Naba weerspraken die framing. De relevante vraag is niet langer of de stablecoin zelf yield genereert — maar welk yield-dragend instrument ernaast staat. De terugbetalingstijd bij AllUnity bedraagt circa vier minuten. Nu tokenized geldmarktfondsen en andere yield-dragende RWA's beschikbaar komen, verdwijnt de frictiefactor van het verplaatsen van cash in en uit yield-posities snel.
Naba's analyse: stablecoins waren nooit ontworpen om liquiditeit vast te houden. Naarmate tokenized RWA's op schaal komen, keert de stablecoin terug naar zijn kernfunctie — een berichten- en afwikkelingslaag tussen yield-dragende posities. Kapitaal circuleert; het parkeert niet.
Höptner bevestigde dit vanuit de blik van een treasurer: ook op een traditionele zakelijke bankrekening levert cash niets op. De treasurer moet het actief overnight verplaatsen om yield te capteren. De verwachting dat stablecoins yield ingebouwd moeten hebben, berust op een misverstand over hoe institutioneel kasbeheer nu al werkt.
Höptner: „Alle discussie over stablecoins die geen rente betalen, is een valse discussie.“
Naba: „Stablecoins worden gewoon een berichtenlaag tussen het ene yield-dragende activum en het andere.“
Over het businessmodel: Höptner ziet twee duurzame inkomstenstromen voor uitgevers — reserveopbrengsten op de float, en transactiekosten op grensoverschrijdende en handelsfinancieringsstromen. Zelfs bij 2 tot 5 basispunten zijn de volumes van de Europese handelsbalans materieel. Elke eventuele „technische integratievergoeding“ die toezichthouders toestaan, is aanvullend, niet fundamenteel.
Stablecoins versus tokenized deposits: wanneer wint welke?
Een vraag uit het publiek — waarom stablecoins gebruiken in plaats van tokenized deposits voor de afwikkeling van vermogensbeheer-transacties — kreeg van beide sprekers een eenduidig antwoord. Tokenized deposits werken goed binnen een single-bank-ecosysteem: de bank geeft het depositotoken uit, de bank neemt de bewaring van het waardepapier op zich, de bank wikkelt af. Geen stablecoin nodig.
Het model hapert zodra liquiditeit over meerdere banken heen gebundeld moet worden om een tokenized waardepapier liquide te maken. Elk banktoken zit opgesloten in de eigen infrastructuur van die bank; cross-bank-afwikkeling vereist een uniforme cashleg. Stablecoins vullen dat gat.
Naba: „Tokenized deposits werken niet omdat je een uniforme cashleg nodig hebt om de transactie daadwerkelijk te laten plaatsvinden.“
Höptner: „Depositotoken binnen één ecosysteem, uitstekend. Stablecoins voor grensoverschrijdend gebruik.“
Qivalis en de stack-soevereiniteitsvraag
Naba's oordeel over Qivalis — het Europese euro-stablecoin-consortium van 37 banken met Fireblocks als custody-provider — was respectvol maar structureel sceptisch. De onbeantwoorde vraag is de prikkelstructuur: wat motiveert een individuele lidbank om liquiditeit van de eigen balans te verplaatsen naar een gedeeld uitgiftevehikel? Zonder een helder distributie- en winstdelingsmodel dreigt het project een defensieve inzet tegen stablecoin-groei te worden, in plaats van een concurrent om liquiditeit.
Naba: „Wat is de prikkel daarvoor? Dat is voor mij nog steeds onduidelijk.“
Naba's tweede punt raakte de soevereiniteitsvraag in de kern. Na de abrupte Amerikaanse sluiting van Fable 5 kunnen Europese institutionele afnemers infrastructuurafhankelijkheden niet langer als neutraal beschouwen. Een MiCA-conforme, in euro luidende stablecoin die volledig op Amerikaanse technologie draait — Fireblocks voor bewaring, in de VS gevestigde cloud, Amerikaanse oracle-providers — is slechts gedeeltelijk soeverein. De relevante beoordeling betreft de volledige stack, niet alleen het token.
Naba: „Het hele punt is de afhankelijkheid van buitenlandse technologieproviders te verminderen.“
Höptner's positie was aanvullend: Europa bevindt zich in een fase waarin fragmentatie onvermijdelijk is, en de markt zal uiteindelijk bepalen welke spelers het beste passen bij welke use cases. Qivalis voor interbanks, AllUnity voor grensoverschrijdend, SG Forge voor vermogensbeheer-ecosystemen, Monerium en Quantoz voor retail-aangrenzende stromen. Consolidatie volgt — maar alleen als Europese spelers lang genoeg stand kunnen houden om die fase te bereiken.
Höptner: „Op de lange termijn hebben we misschien twee, maximaal drie“ particulier uitgegeven euro-stablecoins nodig.
Niet-USD-stablecoins en de agentic payments-casus
AllUnity's recente lancering van een SEK-stablecoin — naast bestaande EUR- en CHF-producten — diende als toetssteen voor de vraag of niet-USD-stablecoins een structurele rationale hebben of eenmalige curiositeiten zijn. Het antwoord: structureel, en in toenemende mate.
Twee argumenten. Ten eerste is de grensoverschrijdende handelsbalans van de Noordse landen groot genoeg om een tokenized SEK-rail te rechtvaardigen; handelsfinancieringsstromen hoeven niet via USD te lopen als de onderliggende tegenpartijen Europees zijn. Ten tweede — en interessanter — zullen agentic payments micropayments in de thuisvaluta van de gebruiker vereisen. AI-agenten die namens Zweedse consumenten transacties uitvoeren, zullen niet omrijden via USD om een stuk content te kopen. Voor kleinere valuta's neemt tokenisatie ook de FX-frictie weg die legacy-infrastructuur oplegt — waardoor kleinere valuta's on-chain competitiever worden dan off-chain.
Höptner: „Tokenisatie versterkt kleinere valuta's — het haalt de fricties uit het proces.“
Over Japan: een recente regelgevingswijziging staat nu toe dat buitenlands uitgegeven stablecoins worden goedgekeurd via een gespecialiseerde broker-dealer-vergunning, waarmee de verplichting voor lokale uitgeversstructuren vervalt. Het Taiwanese model is vergelijkbaar. Binnen Japan neigen grote banken naar depositotokens voor retail en stablecoins voor grensoverschrijdend gebruik, handelsfinanciering en kapitaaloptimalisatie — een structurele spiegeling van het Europese kader.
De ontbrekende walletlaag
Naba schetste de waardepropositie van Meridyan: in plaats van banken te vragen hun kern te herbouwen om on-chain transacties te ondersteunen, verwerkt Meridyan bestaande ISO 20022- en SEPA-berichten, vertaalt ze en voert ze on-chain uit. De klantervaring blijft IBAN-tot-IBAN; de afwikkelingsleg verschuift naar blockchain-infrastructuur. Dezelfde technologie maakt IBAN-geïntegreerde on-chain wallets mogelijk, waarmee banken tokenized activa en stablecoins kunnen aanbieden aan cliënten zonder twintig jaar infrastructuur te hoeven slopen.
Naba: „Banken hebben de afgelopen 20 jaar nodig gehad om ISO-standaarden te implementeren. Vraag hen niet opnieuw te bouwen — vertaal.“
Höptner's analyse was aanvullend en onomwonden: geen wallet, geen activum. Geen tokenized waardepapier, geen depositotoken, geen stablecoin, geen digitale euro heeft enige betekenis voor een zakelijke cliënt die het niet in bewaring kan nemen binnen zijn bestaande bankrelatie. Vandaag de dag sturen Europese banken institutionele cliënten naar Coinbase om toegang te krijgen tot digitale activa.
Höptner: „Zonder wallet gebeurt er niets.“
Höptner: „Als dat is wat we verstaan onder soevereiniteit, zitten we op het verkeerde schip.“
Het structurele probleem, zo waren beide sprekers het eens, is niet technologisch. Europa beschikt over het talent, de protocollen en het regelgevend kader. Wat ontbreekt is kapitaal dat op de snelheid van Amerikaanse infrastructuurproviders — Stripe, Bridge, Privy, Coinbase — naar Europese bouwers stroomt. Zonder dat zal de Amerikaanse stack het tempo blijven bepalen, en zullen Europese banken steeds vaker als afnemers van Amerikaanse infrastructuur opereren in plaats van als beheerders van hun eigen.
Naba: „Europa heeft het talent, de universiteiten, de ontwikkelaars. Het is een kwestie van kapitaal vrijmaken.“
Höptner: „Die kans is voorbij, tenzij we het voor banken heel eenvoudig maken om aan boord te komen. Anders zullen veel banken op termijn verdwijnen.“
Nu fragmentatie, later consolidatie
De sessie sloot af met een structureel punt dat beide sprekers onderschreven. Europa zal eerst fragmentatie zien over digitale euro, depositotokens, stablecoins en CBDC-varianten, voordat consolidatie volgt. Dat is geen faalscenario — dat is hoe een markt van 450 miljoen mensen met meerdere regelgevingskaders ontdekt welke spelers bij welke use cases passen. Het risico is niet de fragmentatie op zich. Het risico is dat Europese spelers zonder kapitaal komen te zitten vóór de consolidatiefase, waardoor het veld wordt overgelaten aan Amerikaanse gevestigde partijen die aankomen met diepere zakken en een voorsprong van meerdere jaren.
Höptner: „Fragmentatie is onvermijdelijk. De vraag is of we lang genoeg stand houden om te consolideren.“






%201.png)






%201.png)
%201.png)


%201.png)



%201.png)


